naar top
Menu
Logo Print
16/10/2018 - SOETKIN DE VREESE

ALLES OVER HET SANITAIR IN JE WONING

Ook wie al lang aangesloten is op het water- en rioolnet, moet een aantal zaken weten over het water in de woning. Hierbij sommen we een aantal weetjes op, die misschien wel van pas kunnen komen.

AFVOER EN RIOLERING
AANVOER EN WATERLEIDINGEN
WATER BESPAREN

AFVOER EN RIOLERING

REINIGING

afvoer
  • Hoe je water wordt afgevoerd, kan verschillen naargelang de locatie van je woning en het bouwjaar. Het is dus belangrijk om na te gaan hoe dit in elkaar zit zodat je dit op de correcte manier kan onderhouden.
  • Zo zal je een septische put bijvoorbeeld op vaste tijden moeten laten ledigen en kan het nuttig zijn om bepaalde enzymen te gaan toevoegen.
  • Een regelmatig reiniging of spoeling van je riolering kan in sommige gevallen aangewezen zijn.

FILTER- EN TOEZICHTPUTTEN

afvoersysteem
  • Kennis over je afvoersysteem is aangewezen maar ook over de locatie van de afvoeren en controleputten.
  • Onderhoud en reinig filter- en toezichtputten. 
  • Controleer ze ook op stilstaand water of vervuiling. Het kan een teken zijn dat er iets mis is. 
  • Onderhoud en reinig regelmatig je afvoeren. Hiervoor bestaan er heel wat producten maar je kan ook aan de slag gaan met wat je in huis hebt. Wat azijn en/of zuiveringszout (natriumbicarbonaat) en warm water kan eventuele zeep- of vetresten helpen oplossen.  

AFVAL

  • Controleer ook regelmatig je afvoeren op samenklittende haren en ander afval.
  • Je afvoer en de riolering zijn bedoeld voor water. Vermijd om objecten door te spoelen die blokkages kunnen veroorzaken. Zaken zoals verfresten, vet- en etensresten, hygiënische doekjes, kunnen je afvoer gaan verstoppen. Deze horen hier dus niet thuis. 
  • Wanneer een afvoer langdurig niet gebruikt wordt kan het zijn dat de sifon droog komt te staan en dat er dus geurhinder zal optreden. Spoel de afvoer regelmatig door om dit te voorkomen. Een laagje olie, zoals olijf- of slaolie, kan voorkomen dat het water verdampt. 

AANVOER EN WATERLEIDINGEN

ROND DE WATERMETER

watermeter
  • Water komt de woning binnen via de hoofdkraan die verbonden is met het waternet. Net voor de watermeter bevindt zich een stopkraan om het water volledig af te sluiten. Wees er bewust van dat deze stopkraan en de watermeter onder de bevoegdheid van de watermaatschappij vallen. Je mag hier dus niets aan wijzigen
  • Na de meter zit er in de meeste gevallen opnieuw een kraan die je water volledig kan afsluiten. In sommige gevallen is dit in combinatie met een dienstkraan.
  • In principe hoeven je waterleidingen geen onderhoud. Het zijn vooral de aftappunten zoals je kranen en boilers die onderhoud vergen. 

KRANEN

kraan
  • Stopkranen en dienstkranen die niet vaak gebruikt worden kunnen vast komen te zitten. Je kan dit vermijden door ze op regelmatige basis volledig open en dicht te draaien. Daarnaast kan je de draaiknop of -spil invetten.
  • Ook je andere kranen verdienen een regelmatig onderhoud. Droog je kraanwerk af na gebruik. Gebruik een zacht reinigingsmiddel om de kranen te reinigen en kalk te verwijderen. Ook hier kan je traditionele remedies gaan gebruiken zoals citroenzuur. 
  • Controleer regelmatig de perlator - de filter - op je kraan. Deze kan je verwijderen en door hem even te laten weken in een reinigingsmiddel kan je kalk verwijderen. Indien nodig kan je deze filter ook gaan vervangen. 

TOESTELLEN

toestellen
  • Het is belangrijk om de toestellen verbonden met je waterleidingen correct te onderhouden. Informeer je dus goed bij de ingebruikname van het toestel want op die manier voorzie je in een lange levensduur van je sanitair. Dit geldt ook voor je verwarmingsinstallatie. Zo moet je bijvoorbeeld je boiler tweejaarlijks laten controleren.
  • Het kan nuttig zijn om een waterontharder te plaatsen in regio's met hard - dus kalkrijk - water. Die kan dan voor een langere levensduur van je leidingen en toestellen zorgen omdat het kalkaanslag zal vermijden. Er zijn ook nog andere voordelen aan een waterontharder. Zo heb je minder wasproducten nodig bij zacht water en zal er ook minder energie nodig zijn om warm water te produceren.
  • Overweeg een waterstop en lekbak bij toestellen zoals een wasmachine. Bij zo'n stop kan je aanduiden hoeveel water er in één keer mag passeren. Als er een lek is of de toevoerslang schiet los, dan stopt het water dus automatisch met lopen. Modernere toestellen komen vaak al met een ingebouwde waterstop of lekdetectoren. In dat geval is dit dus niet nodig.

VORST

  • Voorkom schade door bevroren leidingen. Sluit water naar onverwarmde ruimtes en vorstgevoelige plaatsen tijdig af en laat de thermostaat nooit lager gaan dan 12°C. Isoleer je buizen en gebruik vorstbestendige buitenkranen. Controleer ook regelmatig de leidingen.
  • Indien je lange tijd niet thuis bent geweest en het water in de kranen heeft lang stilgestaan, dan is het beter om de kraan eerst wat te laten lopen voor je deze gebruikt. Dit om zeker te zijn dat het stilstaande water, dat mogelijks besmet kan zijn met de legionellabacterie, niet gebruikt zal worden.

WATER BESPAREN

AAN DE KRAAN

kraan
  • Drink water uit de kraan, dit is veel goedkoper.
  • Gebruik koud water om bijvoorbeeld je handen te wassen in plaats van warm. Plaats bij mengkranen de greep ook steeds op koud.
  • Laat je kraan nooit gewoon lopen. Doe de kraan dicht als je je inzeept in de douche en gebruik een beker om je mond te spoelen.
  • Vang koud water op terwijl je wacht tot dit warm wordt. Dit kan je dan gebruiken om je planten water te geven of je vloer te dweilen.
  • Gebruik restjes water. Het water uit de condensatiebak van je droogkast of het water waarmee groenten en fruit werden gewassen is perfect bruikbaar om je planten water te geven. Zelfs het water na je bad kan je in principe een tweede leven geven.
  • Herstel lekkende kranen en doorlopende toiletten zo snel mogelijk. Het verbruik kan hierdoor snel oplopen.

IN DE DOUCHE OF IN BAD

douche
  • Neem een douche in plaats van een bad.
  • Beperk je douchetijd. Enkele minuten minder lang douchen kan jaarlijks duizenden liters water besparen. Een douchewekker kan hier helpen.
  • Hergebruik de warmte van je afvalwater in de douche met een warmtewisselaar.
  • Gebruik een spaardouchekop en installeer spaarperlatoren of bruismondstukken op je kranen. Ook een doorstroombegrenzer kan het verbruik helpen dalen.
  • Plaats mengkranen en/of thermostatische kranen om sneller de juiste temperatuur te krijgen.

OP HET TOILET

toilet
  • Vervang een oud toilet door een nieuwe met spaarknop. Oude toiletten hebben grotere waterreservoirs die het verbruik sterk verhogen. Je kan ook een gevulde waterfles in de spoelbak plaatsen om het verbruik te verminderen.
  • Gebruik regenwater om je toilet door te spoelen en je was te doen.

TIJDENS DE AFWAS

voorwasprogramma
  • Gebruik enkel indien echt nodig de voorwasprogramma's of programma's die veel water verbruiken op je vaatwasmachine en wasmachine.
  • Verzamel wasgoed tot je de machine volledig kan vullen. Beter één keer wassen dan tien keer en het geeft ook een schoner resultaat.
  • Ook bij vaat is het beter één keer te wassen dan tien keer. Verzamel dus vaat voor je begint met de afwas of de vaatwasmachine aanzet.
  • Afwassen met de hand is spaarzamer dan afwassen met de vaatwasmachine.
  • Vul je gootsteen niet helemaal of gebruik een wasteil.
  • Was zeker nooit af onder een lopende kraan.
  • Vervang je water niet te snel. Pas wanneer je vuil niet meer wegkrijgt is het tijd voor nieuw water en afwasmiddel.
  • Je vaat voordien spoelen is niet nodig bij een vaatwasser. 
  • Koop waterzuinige toestellen met A-labels en eventueel uitgerust met ecofuncties, lekdetectoren en automatische waterstops.
  • Oude apparaten verbruiken meer, een nieuw toestel kan dus kosten en water besparen.
  • Onderhoud je apparaat zoals het hoort. Reinig ook regelmatig alle filters of vuilopvangbakjes. Op die manier zal je toestel optimaal blijven werken.

IN DE TUIN

emmer
  • Gebruik in de tuin regenwater in plaats van stadswater.
  • Gebruik een emmer in plaats van een tuinslang om je planten water te geven of de auto te wassen. Op die manier heb je beter zicht op wat je verbruikt en zal je minder verspillen.
  • Geef je planten en gazon in de tuin ook niet te veel water, ze hebben het meestal niet nodig. Kies voor planten die weinig water nodig hebben.

IN HET ALGEMEEN

water
  • Controleer regelmatig op lekken en hou je meterstand in de gaten.
  • Hou vervuiling van het water tot een minimum. Vet, verfresten, doekjes en ander afval veroorzaken niet enkel verstopping maar vervuilen ook het rioleringsstelsel en zorgen dat de zuiveringsinstallaties problemen krijgen om schoon drinkwater te leveren. Om die reden is het ook beter om voor biologische wasmiddelen en kuisproducten te kiezen. Die zijn makkelijker afbreekbaar.