naar top
Menu
Logo Print
16/01/2019 - ANDY CAMPE

8 TIPS OM EEN MOOIE ZAAGSNEDE TE BEKOMEN

Als je moet zagen, of het nu met de vrije hand of met een zaagmachine is, dan wil je een mooie zaagsnede bekomen. In dit artikel verzamelen we enkele tips om handiger aan het werk te gaan bij het zagen.

SINT-JOZEFSZAAG OF RUGZAAG
LANGERE ZAAGSNEDE
CIRKELS UITZAGEN

SINT-JOZEFSZAAG OF RUGZAAG

Een lat of balk afkorten, daarvoor hoef je niet altijd meteen naar een zaagmachine terug te grijpen. Met een gewone Sint-Jozefszaag of rugzaag kan je evengoed aan de slag om een rechte zaagsnede te creëren. Het zit uiteraard allemaal wel een beetje in de ervaring van de hand, maar je kan jezelf al goed op weg helpen door een goede referentielijn af te tekenen.

1. AFTEKENEN

aftekenen

Wanneer je een maat wil overzetten, teken dan af met een scherp potlood en zet de maat over met je winkelhaak. Dat doe je drie keer: bovenaan, en aan de voor- en achterzijde. Zo heb je al een mooie, rechte richtlijn om uit te zagen.

2. HANDGREEP

handgreep

Je handgreep is ook van belang. Hou de zaag vast alsof je een pistool met je hand maakt: je wijsvinger leg je dus naast je zaagblad waardoor je hem ook wat beter kan doen geleiden.

3. JE ZAAGBLAD GELEIDEN

geleiden

Om het zaagblad nog wat extra te doen geleiden, maak je een groef langs de lijn. Je zet de zaag dus eerst recht in. Het zaagblad leg je niet volledig op de afgetekende lijn maar mik je er net een beetje naast.

Het zaagblad is doorgaans dikker dan je potloodlijn en je haalt dus meer materiaal weg dan de dikte van je potloodlijn.

Hou het zaagblad stabiel door er je duim of vuist naast te leggen om te geleiden, en geef een eerste aanzet in het hout, zonder daarom extra hard te willen duwen en trekken.

Zodra je in het hout een kleine inkeping hebt gemaakt, breng je het zaagblad op je potloodlijn en maak je een groef. Zo creëer je een sleuf waarlangs je het zaagblad kan doen geleiden. Daarna kan je het zaagblad onder een ruimere schuine hoek gaan houden om je balk door te zagen.

4. VASTKLEMMEN

Om een goede, rechte zaagsnede te hebben moet je ook je werkstuk stevig vastklemmen. Zo vermijd je dat de houten lat of balk gaat opspringen tijdens het zagen.

Hulpstuk

hulpstuk

Geen lijmklem in de buurt? Dan is er nog een handig hulpstuk dat je op de rand van je werkbank plaatst. Op een plank plaats je twee latten, de onderste lat zal de plank op haar plaats houden, terwijl je tegen de bovenste lat je werkstuk kan plaatsen.

Om het hulpstuk te maken gebruik je lijm, een hamer en nagels zonder kop. Met wat lijm maak je een fijne houten lat vast op een bredere houten plank. Je zorgt daarbij dat de randen van de twee planken gelijkliggen. Daarna nagel je dat vast. Je draait het plankje om en bevestigt opnieuw met wat lijm en nagels een lat op de tegenovergestelde kant ervan. Dit zaagplankje zal je zaagwerk makkelijker maken doordat het je hout op zijn plaats zal houden.

5. HULPSTUK: VERSTEKBAK

verstelbak

Een ander handig hulpmiddel voor het zagen is een verstekbak. Dat is vooral handig voor het zagen van plinten of sierlijsten, maar kleine kepers of planken lukt ook. Je vindt er een groef in terug die in negentig graden staat. Bij je verstekbak gebruik je een kapzaag, die heeft een verstevigde rug die niet gaat wiebelen en dus veel stabieler is om mee te zagen. Je verstekbak dwingt je zaag dus haaks te zagen: je krijgt zo een mooie zaagsnede.

De grootste troef van zo’n verstekbak is, zoals de naam het al meegeeft, dat je er in verstek mee kan zagen. Er staan hierbij dus groeven in die je zaagblad dwingen om ook in vijfenveertig graden te zagen. Zo kan je houten latten, plinten en lijsten mooi op elkaar doen aansluiten in hoeken.

verstekbakHou er wel je hoofd bij als je met sierlijsten werkt aan het plafond. Verstek zagen betekent dat de lijsten op elkaar moeten aansluiten. Visualiseer daarom met je verstekbak waar je verstekhoek moet uitkomen.

En dan is er nog een aandachtspunt bij het inleggen van je sierlijst in je verstekbak. Je legt ze niet plat, noch rechtop, maar steunend in je verstekbak net zoals de plint tegen de muur en het plafond zou steunen. En dan pas kan je in verstek gaan zagen.

verstekbakDe verstekbak kan ook zo ontworpen zijn dat je de sierlijst tussen twee schuine wanden legt. Het voordeel hiervan is dat je sierlijst in een steviger vlak zit gefixeerd omdat het minder kans heeft om te verschuiven.

Om precies diezelfde reden is zo’n verstekbak ook handig bij het verzagen van rondhout. Het hout zal niet wegrollen omdat het geklemd zit tegen de schuine wanden.

LANGERE ZAAGSNEDE

Moet je een langere zaagsnede maken, om bijvoorbeeld een plaat op maat te zagen, dan ga je al vlugger naar een cirkel- of decoupeerzaag teruggrijpen.

6. RECHT UITZAGEN

recht uitzagen

Je klemt het best een rechte regel waartegen je de zaagmachine kan laten geleiden. Bij een plank leg je hem vast langs de fabriekszijde.

Om dan op de juiste maat te zagen, teken je eerst de benodigde afstand uit. Dat alleen is echter niet voldoende, je moet ook de afstand van het zaagblad tot de zool erbij tellen. Die twee afstanden opgeteld, is de maat waarop je de geleider gaat vastklemmen.

Dan hoef je alleen maar uit te zagen. Vertrek op volle toerental vooraleer je in het hout begint te zagen, en duw dan gelijkmatig de machine voort.

7. HULPSTUK: GELEIDERLAT

geleiderlat

Een geleiderlat kan je ook zo maken dat je geen rekening meer moet houden met de afstand van je zaagblad tot zool. Volgend hulpstuk laat de zool invallen op een lat. Je zaagsnede komt dan meteen uit langs het hulpstuk. Het hulpstuk kan je dus meteen langs de afgetekende lijn van je werkstuk plaatsen.

Dit hulpstuk is eenvoudig te maken. Neem er een plank en een rechte lat bij en kijk na wat de afstand is van je zaagblad tot de zool van de zaagmachine. Zet deze afstand over op de plank, én teken nog eens één extra centimeter erbij. Schroef de lat vast op de onderste plank.

De onderste plank moet precies de juiste plaats van de zaagsnede tonen, dat krijg je voor mekaar door die extra centimeter af te zagen. Zo toont je geleider steeds de plaats van de zaagsnede en zit je geleiderlat steeds perfect evenwijdig.

CIRKELS UITZAGEN

En wat als je cirkels moet uitzagen? Voor vrije vormen en rondingen grijp je dan het best terug naar een decoupeermachine. Om die met de vrije hand te sturen moet je al vrij goed geoefend zijn.

8. HULPSTUK: GELEIDER

cirkel

Ook hier kan je alvast een geleider voor maken om je zaagvoet op te laten rusten. Hoe ga je te werk? Op een stuk resthout wil je eerst een referentiepunt maken: de plaats dus waar je zaagblad komt. Je creëert daarbij een liniaal waarop je verschillende stralen van een cirkel op kan gaan zetten.

cirkel

Vooraan bevestig je een blokje om je decoupeerzaag vast te zetten. Daarna duid je aan waar je zaagblad komt. Dan zet je het eindpunt van je zaagblad nog over op de rest van het werkstuk, zodat ze kruisen met de andere hulplijnen. Maak dan een V-vormige opening naar het referentiepunt toe. Het einde zal je wel met een boor moeten uitboren. Plaats dan nog een extra blokje om de zaagvoet van je decoupeerzaag vast te zetten.

cirkel

Tijd om het hulpstuk te bevestigen. Zorg dat je op je werkstuk al het middelpunt hebt afgetekend, en dan kan je het hulpstuk met de lijnen gelijk gaan leggen, vervolgens fixeer je met een schroef. Die schroef moet niet te vast zitten omdat je er nog vlotjes een cirkelbeweging mee wil maken.

cirkel

Om de decoupeerzaag in te kunnen zetten, boor je in je werkstuk al even voor. Teken daarvoor nog vlug af volgens de gemarkeerde straal van je hulpstuk. Daarmee is het hulpstuk af. Let er wel op dat je tijdens het uitzagen enkel in je werkstuk zaagt. Schragen onder je werkstuk zal je dus wat moeten verplaatsen.

En dan kan je aan het werk. Het resultaat? Een perfecte cirkel is uitgezaagd!