naar top
Menu
Logo Print
31/01/2019 - PIETER CHERLET

DE FUNCTIES VAN EEN HOUTCOMBINÉ NADER BEKEKEN

De houtcombiné is een grote tafelzaagmachine waarop ook andere functies zitten, zoals schaven, frezen en boren. Met zo’n toestel kan je dus zowel plaatmateriaal op maat zetten als complexe houtverbindingen precies uitwerken. Wat zijn nu precies de functies van een hout­combiné en waar moet je op letten als je zo’n toestel gaat gebruiken?

ZAGEN
SCHAVEN
BOREN EN FREZEN

ZAGEN

ZAAGBLAD

zaagblad

Kies het juiste zaagblad. De vertanding (aantal en type tanden) bepaalt waarvoor je het zaagblad kan gebruiken. De afmetingen (asgat en diameter) zijn belangrijk om te weten of het blad op je machine past.

De moer om het zaagblad vast te maken draait in tegengestelde richting als de zaagas, zo klemt ze zichzelf harder aan tijdens het werken. Controleer na montage van het juiste zaagblad dat het blad mooi recht loopt.

DE PARALLELGELEIDER

parallelgeleider

De parallelgeleider heeft twee posities: haaks en schuin. Die tweede positie gebruik je als je de parallelgeleider dicht bij het zaagblad moet brengen. Voor je gaat zagen, stel je de geleider in. Schuif hem tot tegen het zaagblad en stel je meter in op 0.

Wanneer je de geleider nu ver­schuift, zal de display de afstand vanaf de rechterzijde van het zaagblad tot aan de geleider aangeven. Ga ook na of de geleider voorbij het zaagblad moet komen (voor grotere panelen) of net voor de zaag as moet stoppen (in het geval van kortere zaagsneden).

SPOUWMES

spouwmes

Het spouwmes zit achter het zaagblad. Het houdt de zaagsnede open, zodat de twee gezaagde delen niet tegen elkaar gedrukt worden. Dit zou het zaagblad knel kunnen zetten.

Het spouwmes plaats je ongeveer een halve centimeter achter het zaagblad. Je kan de positie instellen met een Engelse sleutel. Boven op het spouwmes zit een beschermkap. Die schermt het zaagblad wat af. Haal de kap zeker nooit weg.

SCHAVEN

SCHAAFBEITEL INSTELLEN

schaafbeitel

De schaaf is eigenlijk een lange beitel op een as die snel ronddraait. Net zoals bij de zaag gebruik je bij de schaaf een beschermkap en een geleider. Controleer dicht bij de schaafmessen of de geleider haaks staat.

De beschermkap hangt helemaal boven de schaaf. Voor het haaks schaven moet je die wel een beetje opschuiven, zodat je werkstuk kan passeren. Let steeds op je handen bij het frezen. Hou je duim en vingers samen en druk het hout nooit aan boven de messen.

VLAK EN HAAKS SCHAVEN

vlak en haaks schaven

Schaaf eerst je werkstuk vlak. Controleer de mogelijke kromming en plaats het zo dat de bolle kant bovenaan zit. De afvoertafel ligt altijd precies even hoog als de schaafmessen. De aanvoertafel plaats je ietsje lager, een tweetal millimeter. Dit is dan de dikte die wordt weggenomen.

Markeer na het vlakschaven de geschaafde zijde. Die zijde hou je dan tegen de geleider voor het haaks schaven.

BREEDTE EN DIKTE SCHAVEN

breedt een dikte

Nu twee zijden vlak en haaks zijn, kunnen de andere twee zijden geschaafd worden, zodat je werkstukken de juiste dikte en breedte hebben. Hiervoor werk je aan de onderzijde van het schaafmes. Je kan de tafel heel precies instellen om je maat te bepalen.

Schaaf eerst de breedte op maat (het hout staat op de diktezijde) en daarna de dikte (het hout ligt op de breedte-zijde). Gebruik de volledige breedte van de schaaf, zodat het mes gelijkmatig kan slijten.

BOREN EN FREZEN

BOREN

boren

De combiné heeft ook een boorkop. Boren voor dit toestel zijn anders getorst, de snede zit dus andersom. Zet de boor vast in de kop met een inbussleutel.

In tegenstelling tot bij een gewone boor of een boorstatief beweeg je hier niet de boor, maar de tafel. Stel eerst de juiste hoogte van de tafel in. Met de hendels kan je vervolgens de tafel verplaatsen, zodat je dieper of minder diep boort.

FREESBEITEL

freesbeitel

De frees monteer je op de topas van de combiné. De frees bestaat uit een snij- en keerbeitel. Die zitten opgespannen op de kop met een blokje. De messen kunnen makkelijk verwisseld worden.

Plaats de freeskop zo dat hij de onderzijde van je werkstuk weghaalt, dat is veiliger dan wanneer je aan de boevenzijde zou frezen.

FREZEN

frezen

Plaats, om te frezen, nog de beschermkap en de geleidingsplaten over de topas. De positie van de geleidingsplaten en de ingestelde hoogte van de freeskop bepalen hoeveel er weggefreesd wordt. Let erop dat de twee geledingsplaten mooi in dezelfde lijn liggen.

Voor het frezen van de pennen klem je het hout tegen een aanslagbalk en passeer je met een gecontroleerde beweging langs de freeskop.