naar top
Menu
Logo Print

GERUISLOZE WATERAFVOER DANKZIJ PREVENTIEVE STRATEGIE

Installateur kan belangrijke impact hebben op geluidsprestaties.

Na de wateraanvoer in deel 1 gaan we nu dieper in op de waterafvoer en de apparaten. Ook deze onderdelen produceren geluid, maar mits het in acht nemen van enkele aandachtspunten bij de planning en uitvoering kan dit tot een absoluut minimum beperkt worden.

AFVOERGELUID UIT TWEE COMPONENTEN

In het eerste deel legden we al het verschil uit tussen lucht- en contactgeluid.

Al in de planningsfase moet er rekening gehouden worden met geluidsoverlast, bijvoorbeeld door gevoelige ruimtes te groeperen. Helaas is dat niet altijd het geval

Al in de planningsfase moet er rekening gehouden worden met geluidsoverlast, bijvoorbeeld door gevoelige ruimtes te groeperen. Helaas is dat niet altijd het geval - Bron: WTCB

Bij wateraanvoer is vooral de tweede component van belang, bij waterafvoer is ook het luchtgeluid een belangrijke factor. Bij dit type geluid is het de bron zelf die verantwoordelijk is voor het lawaai en die zorgt dat de lucht errond in beweging wordt gebracht. Bij afvoerinstallaties gaat het dan bijvoorbeeld om de akoestische hinder die ontstaat in de afvoerbuis door turbulenties in het water. Via afstraling in de leidingkoker komt het geluid zo door de kokerwand en tot bij de ontvanger terecht. De factor contactgeluid is bij de afvoer ook aanwezig en vormt de tweede component. Turbulenties in het water produceren niet enkel het rechtstreekse luchtgeluid, maar zijn ook verantwoordelijk voor het doen trillen van de afvoerbuis. Via de bevestigingen wordt de montagewand aan het trillen gebracht. Die montagewand straalt op zijn beurt geluid af tot bij de gebruiker.

PREVENTIEF IN ONTWERPFASE

Het is u waarschijnlijk ook al overkomen: op een werf blijkt de voorziene locatie voor de afvoerbuizen op zijn zachtst gezegd ongelukkig gekozen te zijn. Leidingkokers die tussen twee slaapkamers doorlopen, bijvoorbeeld. Meteen een gemiste kans, want een goed ontwerp maakt de meeste akoestische maatregelen overbodig. Architecten zullen er over het algemeen wel over waken dat geluidsgevoelige ruimtes zo veel mogelijk vermeden worden bij het aangeven van de afvoeren, maar dat wordt helaas wel nog eens genegeerd. Dit veroorzaakt onnodige overlast voor de bewoners. In bepaalde gevallen is het helaas onmogelijk om het ontwerp bouwtechnisch aan te passen. Als dat zo is, kan er wel bekeken worden of het mogelijk is om het aantal schachtzijden die grenzen aan deze ruimtes, te beperken door ze bv. in een hoek te plaatsen. Andere ongelukkige ontwerpen zijn er als badkamers boven slaapkamers worden voorzien.

PREVENTIEF VOOR DE INSTALLATIEFASE

Als leidingkokers toch grenzen aan gevoelige ruimtes, beperk dan het aantal aangrenzende zijden of probeer deze te plaatsen in een aangrenzende ruimte
Als leidingkokers toch grenzen aan gevoelige ruimtes, beperk dan het aantal aangrenzende zijden of probeer deze te plaatsen in een aangrenzende ruimte

Tenzij u al vanaf de ontwerpfase nauw betrokken bent bij de totstandkoming van het gebouw, zult u meestal met onzorgvuldigheden geconfronteerd worden als het al te laat is. Toch kunt u nog een belangrijke impact hebben op de geluidsprestaties. Dat kan door te werken op twee pijlers: het vermijden van contact tussen apparaten en afvoer enerzijds en muren/vloeren anderzijds, en ten tweede de materiaalkeuze.

 

Materiaalkeuze en diameters leidingen

Aansluitingen op liggende leidingen verlopen het best getrapt, met twee hoeken van 45° en een tussenstuk van 25 cm
Aansluitingen op liggende leidingen verlopen het best getrapt, met twee hoeken van 45° en een tussenstuk van 25 cm - Bron: WTCB

De meest bepalende factoren zijn het materiaal van de leidingen/standleidingen en de hoogte van de valbeweging die het water maakt. Verzwaarde kunststof standleidingen produceren tot 5 dB minder lawaai dan standaard--pvc-standleidingen (bij een diameter van 110 mm), een mofloze gietijzeren uitvoering zelfs tot 7 dB. Om de lawaaireductie te bepalen voor andere diameters, vindt u in de tabel op deze pagina een lijst met correctiewaarden. Merk op dat (voor eenzelfde debiet) een grotere buisdiameter het geluidsniveau zal doen toenemen, want het buisoppervlak stijgt nog, en dus ook het afgestraalde geluidsniveau. Daarnaast zijn ook verslepingen of asverschuivingen te vermijden, zeker als men weet dat dit gepaard gaat met 15 dB meer lawaai. Als er toch een bocht nodig is, strekt het tot aanbeveling om deze in twee bewegingen uit te voeren. Het werken met twee hoeken van 45°, met daartussen een recht stuk van minstens 25 cm, zal de geluidstoename verminderen tot 6 à 9 dB. Hetzelfde principe geldt voor de aansluiting van een standleiding op een horizontale leiding.

Valhoogte medebepalend geluidsniveau

Per extra verdieping valhoogte geldt een stijging van het geluidsniveau met ongeveer1 dB. Een geleidelijke valbeweging voorkomt dit.

Toestellen

Naast de afvoerleidingen zijn ook de toestellen een mogelijke bron van geluid. Denk aan doorspoelende wc's, lawaai van spoelende wasmachines of kolkende geluiden. Bij het afvoeren van wc's kan de geurafsluiter leeggezogen of opgedrukt worden door de ontstane over- of onderdruk en zorgen voor een irritant 'kleppend' geluid. Hetzelfde geldt voor baden die bij het leeglopen voor klokkende geluiden zorgen. Een eenvoudige beluchter kan hier al veel soelaas brengen.

TIJDENS DE INSTALLATIE

Reduceren luchtgeluid

Bij afvoer is zowel contactgeluid als luchtgeluid een issue
Bij afvoer is zowel contactgeluid als luchtgeluid een issue - Bron: WTCB

Om de luchtgeluidscomponent te reduceren, kan de afvoerbuis verder geïsoleerd worden. Hierbij strekt het combineren van een zware luchtdichte buigbare buitenmantel met zachte leidingisolatie tot de aanbeveling. Die leidingisolatie kan bestaan uit minerale wol of opencellige flexibele schuimen. Door beide zaken te combineren, kunnen er al mooie geluidsreducties bekomen worden. Uit onderzoek blijkt zelfs een vermindering met 20 dB mogelijk. Let er wel op dat er geen harde thermische, geslotencellige schuimen gebruikt worden, want die hebben vaak het omgekeerde effect.

Reduceren contactgeluid

Bevestigingen spelen een significante rol in de overdracht van contactgeluid. Enkele belangrijke vuistregels kunnen al veel verandering ten goede brengen:

  • Bevestigingen zo veel mogelijk aan de zwaarste wanden vastmaken;
  • Vermijden van bevestigingen aan scheidingen tussen appartementen of twee wooneenheden;
  • Om afvoerleidingen te bevestigen, kan er gebruikgemaakt worden van akoestische beugels met een soepele inlage. Ten opzichte van starre beugels reduceren deze het geluid met een 2 à 3 dB.
  • De schachtwanden zelf kunnen voorzien worden van steenwol of minerale wol. Ga uit van een minimale dikte van 3 cm.
  • Probeer kokerwanden ook altijd te ontkoppelen van de montagewand en als het even kan, ook van vloer en plafond.
  • Om contactgeluid verder te reduceren, kan er gebruikgemaakt worden van ontdreunende matten bij baden en van trillingsontkoppelingen bij lavabo's.

Doorvoeren van kokerwanden

Een vaak gemaakte fout is dat een aan-nemer - door onwetendheid of nalatigheid - een doorvoering maakt in een kokerwand, maar die niet volgens de regels van de kunst afdicht. Een afdichting mag nooit de akoestische prestatie van de kokerwand nadelig beïnvloeden! Aangewezen is om de leidingdoorvoer geen star contact te laten maken met de uitsparing. Ook starre contacten tussen de afvoerleiding en de lichte kokerwanden (bv. door valspecie of geklemde leidingen) moeten vermeden worden. Respecteer de brandeisen!

Doorvoeren vloeren en massieve wanden

Het flexibel uitvoeren van doorvoeringen van vloeren en massieve wanden is aan te raden. Starre contacten moeten vermeden worden. De afdichting kan gerealiseerd worden met minerale wol of een gelijkwaardige oplossing in combinatie met een afkitting in een soepel blijvend materiaal. Harde schuimafdichtingen (zoals pur) zijn niet geschikt.

OUDERE INSTALLATIES

Een vaak voorkomend probleem bij oudere installaties: loden afvoeren die door het eigen gewicht verzakken en zo de afvoer belemmeren. Op zijn beurt zorgt dat voor meer lawaai
Een vaak voorkomend probleem bij oudere installaties: loden afvoeren die door het eigen gewicht verzakken en zo de afvoer belemmeren. Op zijn beurt zorgt dat voor meer lawaai - Bron: WTCB

Bij klachten over oudere installaties loont het de moeite om de volledige afvoer tegen het licht te houden. Veel zware loden buizen uit oude installaties hangen door onder hun eigen gewicht en vormen zo een obstakel voor een vlotte afvoer. Een ander frequent voorkomend probleem is afzetting die zich tijdens de loop der jaren vormt in de buizen. Die kan de afvoer belemmeren. Dat kan resulteren in over- of onderdruk als er elders in de installatie een wc doorgetrokken of een wasmachine geloosd wordt.

Dit artikel werd uitgewerkt in samenwerking met dr. ir. Lieven De Geetere, Afdeling Akoestiek van het WTCB