Kijk gratis en onbeperkt

Registreer

Laminaat leggen met Roger

Roger gaf ons de afgelopen jaren al heel wat tips mee voor het leggen van laminaat. Deze aflevering biedt een overzicht van alles waar je rekening mee moet houden bij het zelf plaatsen van een laminaatvloer.

Transciptie 

Roger gaf ons de afgelopen jaren al heel wat tips mee voor het leggen van laminaat. Laminaat is dan ook een populaire vloerbedekking, want het bestaat in allerlei stijlen en is onderhoudsvriendelijk. Hoewel er soorten bestaan die je moet lijmen en die dus minder evident zijn om zelf te plaatsen, kan een doe-het-zelver wel gemakkelijk aan de slag met kliklaminaat. Daarom overlopen we in deze aflevering nog eens alles wat je moet weten over het zelf plaatsen van een kliklaminaatvloer.
Het leuke aan laminaat is dat er zoveel keuze bestaat dat dit soort vloeren in allerlei soorten interieurs past. Je kunt opteren voor een laminaat dat parket imiteert, maar bijvoorbeeld ook allerlei soorten tegels. Voor een uiterst modern resultaat zijn er ook panelen die in hoogglans afgewerkt worden en in strakke woningen perfect tot hun recht komen.


Hoewel het decoratieve aspect natuurlijk van belang is, zijn er ook objectieve zaken waar je rekening mee moet houden bij de aanschaf van je laminaat. Stel je bijvoorbeeld de vraag hoe intensief het laminaat bewandeld zal worden, want er bestaan verschillende kwaliteitsklasses die de duurzaamheid bepalen. Slijtvastheid is dus één punt, maar een kwalitatiever laminaat is ook dikker, zodat het stabieler ligt en een mooier loopgeluid geeft. Ook is de decoratieve toplaag vaak mooier afgewerkt, bijvoorbeeld door het nabootsen van een voelbare houtstructuur voor een nog realistischer effect.


Daarnaast is niet alle laminaat vochtbestendig. Een standaard laminaatpaneel is opgebouwd uit een HDF-paneel dat bekleed is met een decoratieve laminaatlaag. Maar wil je de vloer in een vochtige ruimte leggen, zoals in een sauna of badkamer, dan bestaan daarvoor aangepaste, waterafstotende soorten.

 
Is akoestische isolatie een belangrijk aspect, bijvoorbeeld omdat je in een appartement woont, dan heb je nog laminaatsoorten die onderaan uitgerust zijn met een honingraatstructuur. Die kan het geluid tot wel 50% dempen.

 
Heb je je keuze nu gemaakt, dan kun je overgaan tot bestellen. Omdat je zou weten hoeveel pakketten laminaat je nodig hebt, bereken je eerst de totale oppervlakte van de te bedekken ruimte. Daar tel je dan nog eens 10% bij op omwille van het zaagverlies. Bestel ook meteen de ondervloer mee, die onder je laminaat hoort te komen, want een zwevend kliklaminaat leg je nooit rechtstreeks op de dekvloer. De ondervloer zal kleine oneffenheden opvangen en voor demping en isolatie zorgen, maar toch is het belangrijk dat je eerst en vooral je ondergrond zo proper en zo vlak mogelijk krijgt.
Voor je de ondervloer gaat leggen, moet de grond proper en vlak zijn. Stofzuig en veeg daarom tot alle stof en vuiligheid weg zijn. Soms kun je de oude vloer laten liggen, maar in veel gevallen is die zo versleten dat hij op bepaalde plaatsen niet meer effen ligt en dan moet je die dus wel verwijderen. Als het om een oude vinylvloer van vóór het jaar 1993 gaat, wees dan voorzichtig, want zo‘n vloer kan nog asbest bevatten. Nog een tip: snijd de oude vloer in stroken, zo komt hij gemakkelijker los en kun je hem ook eenvoudiger naar buiten dragen.


De plinten in de kamer verwijder je door middel van een plamuurmes, koevoet of klauwhamer. Wil je ze later terugplaatsen, neem ze dan voorzichtig weg en nummer zowel de plinten als de muur. Op moeilijk bereikbare plaatsen kun je een multitool gebruiken om de plinten te verwijderen. Snijd ze af onder een lichte hoek, zodat ze later gemakkelijk weer op elkaar aansluiten.

 
Nu de dekvloer bloot is komen te liggen, schraap je de oneffenheden daarop weg en vul je eventuele putjes op met wat snelcement. Als er verharde lijmresten achtergebleven zijn op de dekvloer, dan schuur je die het best weg als ze dikker zijn dan het aantal millimeters dat je ondervloer volgens zijn verpakking kan egaliseren. Als je zometeen met egalisatiemortel zult werken omdat de vloer niet waterpas ligt, dan moet je de lijmresten sowieso verwijderen, want de mortel zal zich anders op die plaatsen niet kunnen hechten aan de dekvloer. Het weghalen van de lijmresten kun je met een betonschuurmachine doen, die je het best aansluit op een stofzuiger. Zet in ieder geval een stofmasker op en verlucht de kamer goed, want bij dit werkje komt heel wat stof vrij. Het dikste en ruwste stof verwijder je daarna nog eens met een stofborstel. Hetgeen dat in kieren en kleine oneffenheden blijft zitten kun je weg krijgen met de stofzuiger.


Zoals net gezegd moet je je vloer niet alleen glad maken, maar er ook voor zorgen dat hij waterpas ligt. Ga er niet zomaar vanuit dat dat het geval is, maar controleer de vlakheid door middel van een simpele truc die Roger hier demonstreert. Hij plaatst een lange waterpas op de bodem en kijkt of zijn houten meetlat, die een dikte van 3 millimeter heeft, ertussen past. Dat is namelijk de maximale tolerantiebreedte. Is er meer dan 1 meetlat verschil, dan helt de bodem te veel af en moet je egaliseren.
Verleg telkens de waterpas tot je de hele bodem hebt afgemeten en genoteerd hebt om hoeveel verschil het telkens gaat. Aan de hand daarvan beslis je welk egalisatiemiddel je zult gebruiken. Op de verpakking van egalisatiemortel staat aangeduid hoeveel millimeter de mortel maximaal egaliseert. Leg de zakken mortel ongeveer een dag op voorhand al in de ruimte waar je ze zult nodig hebben, zodat ze kunnen acclimatiseren. Zeker in de winter, wanneer ze uit een koud magazijn komen, is dat belangrijk. Hoe dan ook moet er toch eerst een primer aangebracht worden op de ondergrond, zodat die een stabiel zuigvermogen krijgt.
Het aanbrengen van de primer doe je met een blokkwast, tot tegen de muur, net zoals je verf zou aanbrengen. Nadat je de kanten gedaan hebt kun je verder werken met een rol die je vastzet op een telescopische steel, wat vlotter en aangenamer werkt en beter is voor je rug.


Wanneer de primer voldoende gedroogd is, kun je egalisatiemortel aanbrengen. Plak wel eerst de plaatsen af waar het product zich niet mag hechten. Voor gebruik van de egalisatiemortel heb je het volgende nodig: de mortel zelf, een metserskuip, een menger naar keuze, een boormachine, een lijmkam en een ontluchtingsrol. Die dient om luchtbellen te verwijderen en het oppervlak nog vlakker te maken.
Giet nu de juiste hoeveelheid water in de mengkuip. Hoeveel water je in verhouding nodig hebt, kun je aflezen op de verpakking. Pas daarna voeg je hier de mortel aan toe.
Mix de mortel tot er geen klonters meer in zitten. Laat hem dan 3 minuten rusten en meng er daarna nog eens door. Dan kun je de mortel zo gelijkmatig mogelijk over de vloer uitgieten. Verdeel de egalisatie dan met een lijmkam. Je mag er natuurlijk niet in stappen, dus werk strook per strook. Ga er daarna nog eens overheen met de prikrol om luchtbellen te verwijderen. Zo krijg je een steviger mortelbed en een egaal resultaat.


Wanneer de egalisatiemortel bewandelbaar geworden is, kun je het oppervlak nog eens controleren. Is er op een bepaalde plaats nog altijd meer dan 3 millimeter diepteverschil te vinden, dan kun je nog een extra laag aanbrengen. Duid de diepste punten aan met een stift en verbind ze zodat je goed weet waar de probleemzone zich bevindt. Wil je met de tweede laag mortel wachten tot de eerste laag volledig droog is, houd er dan rekening mee dat je opnieuw een primer zult moeten aanbrengen.


Eenmaal je ondergrond mooi effen en proper is, kun je overgaan naar de volgende stap: de ondervloer plaatsen.
Hoewel je je ondergrond nu al zo egaal mogelijk hebt gemaakt, vangt een ondervloer nog eens de kleinste oneffenheden op. Daarnaast zorgt hij ook voor geluidsdemping. Er bestaan tegelvariaties, maar de meeste soorten zijn stroken die je uitrolt. Vrees je voor opstijgend vocht uit de ondergrond, dan bestaan er ook ondervloeren met een vochtremmende folie aan de onderkant. Ben je van plan om het laminaat op een vloerverwarmingssysteem te leggen, zorg dan zeker ook voor een gepaste ondervloer die daartegen bestand is.


Aangezien je laminaat straks haaks op de ondervloer moet komen, is het van belang om nu al te beslissen in welke richting je je laminaatpanelen zult leggen. Enerzijds hangt dat van je persoonlijke smaak af, maar er zijn toch twee aspecten waar je rekening mee moet houden: de lichtinval en de haaksheid van de ruimte.
Als je beslist hebt in welke richting je laminaat straks komt te liggen, dan leg je nu eerst de ondervloer in de andere richting. Je rolt de ondervloer uit over de grond en snijdt hem op maat af met een breekmes. Zo leg je strook na strook naast elkaar. Sommige ondervloeren zijn voorzien van een zelfklevende strook en hoef je dus niet af te plakken. Bij een niet-zelfklevende ondervloer moet je de naden tussen de stroken nog afplakken met een aluminiumtape. Zo krijg je een dampdicht geheel.

Plaats de stroken zeker niet over elkaar, anders wordt de ondervloer op die plaats te dik. Moet je ergens een uitsparing maken, dan snijd je die gewoon uit met je breekmes.
Voordat je begint met je laminaat te leggen, is het toch aan te raden om de pakketten met de panelen 48u te laten acclimatiseren in de ruimte waar je ze zult leggen, zodat ze zich al aanpassen aan de temperatuur en de vochtigheid. Laminaat is namelijk een houtproduct en leeft dus. Om die reden wordt er aan de wanden ook telkens een uitzetvoeg van 1 centimeter voorzien, die later bedekt zal worden met plinten.

 
Meet nu de kant van de ruimte waar de breedte van de panelen aan grenst, en bereken of je met een vol paneel kunt beginnen én eindigen. Dat doe je door de oppervlakte van de ruimte te delen door de breedte van de panelen. Indien je een kommagetal krijgt, dan zul je moeten bijzagen om een evenredig ogend resultaat te krijgen. Voor het aftekenen van laminaat in de lengte heeft Roger een handige tip: leg een paneel boven op het laatste paneel dat je gelegd hebt, met de uiteindes op elkaar. Leg er dan nog een paneel bovenop en schuif hem tot waar je het laatste paneel tegen de wand zult plaatsen, rekening houdend met de uitzetvoeg natuurlijk. Teken dan de boord van het hoogste paneel af op het middelste paneel. Zo weet je waar je het middelste paneel moet afzagen en krijg je automatisch een stuk met de juiste maat.

 
De snelste manier om de panelen af te korten is met een afkortmachine. Maar je kunt natuurlijk ook gewoon een laminaatsnijder, decoupeerzaag of rugzaag gebruiken.
Bij een kliklaminaat hoef je niet te lijmen of te schroeven. De panelen zijn zo gemaakt dat je ze vlot in elkaar kunt klikken. Enkel wanneer een kleiner paneelstuk moeilijk blijft liggen kun je eventueel een beetje houtlijm gebruiken in de groef van het vorige paneel. Bij het leggen van de panelen kun je een trekijzer en een slagblokje goed gebruiken. Met het trekijzer trek je de panelen die aan de wanden grenzen mooi in de kopse kant van de aansluitende panelen. Nog even aankloppen doe je door middel van het slagblokje, zodat je de vloer niet beschadigt. Zo werk je rij per rij verder met het vastklikken van de panelen. Vergeet niet om ook telkens afstandshoudertjes tegen de wand te plaatsen voor de uitzetvoeg. Is de ruimte langer dan 8 meter en werk je in de breedte, of is hij langer dan 12 meter en werk je in de lengte, dan moet je in het midden nog eens een extra uitzetvoeg voorzien.
Zit je met een reststuk van minder dan 30 centimeter, dan is het beter om met een nieuwe plank verder te werken, want te kleine stukken ogen niet mooi. Het meest gangbare legpatroon bij laminaat is een wildverband, wat wil zeggen dat de zichtbare naden tussen de panelen in iedere rij op een andere plaats zitten.
Nog een tip: gebruik panelen uit verschillende pakketten door elkaar. Mochten er subtiele kleurverschillen in de panelen zitten, dan zullen die zo minder opvallen.


Tot zover de basis van het laminaat plaatsen. Als je een paar rijen gelegd hebt, krijg je dit klusje algauw onder de knie. Toch kan het zijn dat je hier en daar nog voor een kleine uitdaging komt te staan, zoals wanneer je een uitsparing met een rare hoek moet maken, onder een deur moet werken of rond een leiding. Maar ook zo'n dingen kun je vrij eenvoudig zelf aanpakken, als je maar weet hoe.
Heeft de ruimte waarin je werkt een onregelmatige vorm, dan zul je hier en daar een uitsparing moeten maken in je panelen. Om dat te doen, schuif je eerst je paneel tot tegen de uitstekende hoek. Meet de lengte op van de uitsparing die je zult moeten maken, rekening houdende met de centimeter uitzetvoeg. Zet de lengte over op je paneel, de juiste hoek volgend. Neem voor de breedte ook 1 centimeter extra voor de uitzetvoeg. De uitsparing maak je het best met een decoupeerzaag, waar je een beschermzool op zet om geen krassen te maken op je paneel. Heb je geen zo'n beschermzool, dan kleef je gewoon wat tape op je decoupeerzaag.

 
Een rechte hoek krijgen gaat gemakkelijk, maar zit je met een ander soort hoek, dan gebruik je daarvoor het best een verstelbare zweihaak en een winkelhaak. Zo zet je de hoek zo goed mogelijk over. Natuurlijk mag je wel een klein beetje speling hebben, aangezien er later nog een plint op komt.

 
Wanneer je een nieuwe vloer plaatst, dan is de kans groot dat de deurlijsten nu te laag zullen komen. Dus zul je ze een beetje moeten afzagen zodat het laminaat eronder past. Om dat te doen, plaats je de laminaatstrook eerst tot tegen de deurlijst. Trek een potloodlijn langs de rand. Op die hoogte zaag je de deurlijst af; een multifunctionele zaag komt daarbij goed van pas, want die kan uitsnijdingen maken op moeilijk bereikbare plaatsen. Maar je kunt ook gewoon een toffelzaag gebruiken.

Wanneer je dan je laminaatpaneel onder de deur plaatst, houd je nog 1 centimeter afstand tot de overgang naar de volgende ruimte. Daar komt dan later nog een overgangsprofiel.


Een verwarmingsbuis op je pad tegenkomen is een andere uitdaging. In dat geval is het het mooist als je een ronde uitsparing maakt in je paneel. Meet daarvoor de afstand van het centrum van de buis tot een afstandshoudertje tegen de muur. Duid dit punt aan en kort je paneel af. Snijd de halve cirkel uit; dat gaat het gemakkelijkst met een decoupeerzaag. Draai dit stuk nu om op de rest van je paneel en teken de gespiegelde helft af. Ook die zaag je uit. Als je nu de twee stukken op elkaar doet aansluiten, komt de cirkel mooi rond de verwarmingsbuis te zitten. Helemaal precies hoeft de uitsnijding niet te zijn, want voor een mooie afwerking komt er nog een afdekplaatje op te zitten dat de uitsnijding bedekt.
Nadat je de volledige vloer bedekt hebt met laminaat, is het tijd voor de afwerkingsfase. De afstandshoudertjes tegen de muur mogen weg zodat de plinten geplaatst kunnen worden. Voor ieder laminaat bestaan er plinten in dezelfde stijl en kleur, zodat alles één mooi geheel vormt. De snelste manier om de plinten vast te zetten is simpelweg door middel van montagekit.


In de hoeken zaag je de plinten in verstek, zodat ze netjes op elkaar aansluiten. Doe dat met een afkortzaag, of met een handzaag en met behulp van een verstekbakje.


Als je muur niet helemaal vlak is maak je beter gebruik van lijstwerkdeuvels waar je de plinten in vastklikt; als je montagekit zou gebruiken, zou je in dit geval kieren kunnen krijgen. Plaats om de 40 à 50 centimeter een deuveltje in de muur. Die krijg je eenvoudig op de juiste hoogte door middel van de bijhorende mal. Een ander systeem is via clips; het handige daaraan is dat je hier ook nog eens kabels in kwijt kunt.

 
Omdat de vloer perfect waterdicht zou zijn, kit je de naad tussen de plinten en de vloer ook nog eens af met een transparante silicone. Grotere naden zou je eventueel kunnen bedekken door er kwartronde plintjes op te lijmen.

 
Vergeet ook niet om aan de deur een overgangsprofiel te voorzien. Dat dient om de kopse kant van de panelen in de aangrenzende ruimtes te verbergen en ook om een centimeter speling te behouden zodat de panelen nog kunnen uitzetten. Zo'n overgangsprofiel kun je vastkleven of bevestigen door middel van pluggen die in de sleuf onder aan het profiel passen en zich in de boorgaten spannen bij het aankloppen.


Nadat ook deze afwerkingsfase achter de rug is, is je laminaatvloer klaar. Wil je deze aflevering en alle stappen die nodig zijn voor het leggen van kliklaminaat nog eens herbekijken, surf dan naar www.dobbit.be.

Je kan dit artikel volledig lezen na registratie

Reageer

Kleurenschema
Aantal tegels per rij
Beeldverhouding
Weergave
Hoeken afronden
0

Welkom bij Dobbit 

Dobbit maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren en te personaliseren. Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met Het privacy- en cookiebeleid.