Kijk gratis en onbeperkt

Registreer

Metselgereedschap

Tooldokter - Ep. 4 - Metselgereedschap
Metselen is iets wat je niet meteen in de vingers hebt, maar als doe-het-zelver valt het best aan te leren. In deze Tooldokter leer je welk gereedschap je nodig hebt, en hoe je het dient te gebruiken

Transciptie 

In deze Tooldokter sommen we op welk basismateriaal je nodig hebt om te metselen en te voegen. Metselen of voegen is iets wat je niet meteen in de vingers hebt, maar als doe-het-zelver valt het best aan te leren. In deze Tooldokter lijsten we al het basismateriaal op dat je nodig hebt om aan de slag te kunnen.
Denk eraan, zelf klussen doet je veel geld uitsparen, dus met de juiste tools en een beetje handigheid, werk je voor eigen portefeuille. Bedankt voor het kijken, en tot de volgende Tooldokter !

Met welk materiaal moet je aan de slag om te kunnen metselen ?
Muren moeten mooi haaks staan, en in een rechte lijn. Je gaat dus niet metselen uit de vrije hand : je hebt een richtlijn nodig, en dat doe je door te gaan metselen tussen profielen. Je spant er een touw tussen om je muur langs een rechte lijn te construeren, en langs de profielen kan je dan de stenen haaks in de hoogte gaan opbouwen.
Tijd om te bepalen waar de muur komt te staan. Dat wordt meten, en markeringen overzetten. Werk altijd haaks. Een bouwhaak, dat is gewoon een winkelhaak in grotere versie, is handig. Wie dat niet heeft, werkt een rechte hoek uit met zijn plooimeter volgens de 3-4-5-regel. Om een afstand te verlengen, gebruik je een lange regel.
Een eindmarkering opzoeken over een langere afstand, doe je met metserstouw. Omwikkel het rond een steen, en span goed aan terwijl je het touw in het verlengde van de afgetekende lijn legt.
Je hebt flink wat metseltouw nodig om alle lijnen uit te zetten. Een ander hulpmiddel is een smetkoord. Die komt van pas om grote afstanden te overbruggen. Je hoeft alleen het touw goed aan te spannen, waarna je het heel even optilt en dan terug laat vallen. Met behulp van krijtpoeder markeer je dan een heel strakke lijn.
Eens je weet waar de muur moet komen, kan je de metselprofielen opbouwen. Wat heb je daar allemaal voor nodig ?
Moet je starten vanaf een reeds bestaande muur ? Maak dan gebruik van een muurpin of plafoneerhaak om je profiel te fixeren. Die moet je in de muur slaan met een moker.
En pak er dan nog wat houten blokjes bij. Je kan dan makkelijker je metseltouw rond het profiel wikkelen én bijt de muurpin zich beter vast tegen de aluminium regel.
Het profiel wil je haaks zetten. Dan komt je waterpas van pas. Controleer of de regel correct staat, en fixeer bovenaan met een muurpin.
Vroeger gebruikte men een schietlood om te controleren op rechtheid. De afstand dat je schietlood van je profiel verwijderd zit, moet dan overal gelijk zijn.
Een profiel moet je ook vrijstaand kunnen fixeren. Dan haal je er wat extra stenen bij als tegengewicht, en fixeren doe je met een lijmklem.
Zo’n profiel staat nu stabiel, hij moet ook nog haaks staan. Zorg dat je twee rechte, houten kepers bij de hand hebt. Je gebruikt ze om het profiel op te duwen, totdat het waterpas staat. Fixeer voorlopig met lijmklemmen. Met je waterpas kijk je dan na in hoeverre je de keper moet verplaatsen tot het profiel waterpas staat. Je hebt per profiel twee kepers nodig om in beide richtingen te werken.
De metselprofielen staan er, het is tijd om de steenlagen aan te duiden. Voor die opbouw teken je eerst een meterpas af. Die maat moet ook naar het volgende profiel overgezet worden. Dat kan met een laser. Zo’n laser is de digitale versie van een klassieke pasdarm. Dat is een doorschijnende flexibele darm, die je met water vult. Eén uiteinde van de pasdarm hou je met z’n waterniveau bij het eerder afgetekende meterpas, verloop dan met het andere uiteinde naar het volgende profiel. Laat het water in de slang tot stilstand komen. Dankzij de wet van communicerende vaten, zal je het meterpas op gelijke hoogte kunnen overzetten. Wacht tot het water tot stilstand is gekomen. Voor een correct resultaat moet je er voor zorgen dat er geen luchtbellen in de slang zitten.
Van zodra je meterpas is gezet, kan je de resterende steenlagen aftekenen. Goed meten met de plooimeter, en op beide profielen overzetten. Dan hoef je alleen nog je metseltouw te bevestigen, gebruik daarvoor metselblokjes. Je kan er het touw beter mee opspannen, en als je een volgende steenlaag moet afwerken schuif je het dan gewoon wat omhoog. Span het touw zeer strak aan, zodat het niet gaat doorbuigen. Anders heb je een slechte referentie om op te werken.
De voorbereiding zit er op. Je kan eindelijk gaan metselen. Tijd om de metselspecie aan te maken. Welk materiaal heb je daar voor nodig ?
Bij kleine hoeveelheden mortel die je moet aanmaken, werk je in een metselkuip, of op een bodemplaat. Voor grote hoeveelheden werk je best met een betonmolen. Tijdens het mengen van de bouwstoffen met water draag je handschoenen. In cement zit zoutzuur, en dat tast al gauw je handen aan. Om het beton ter plaatse te krijgen, stort je het uit in een kruiwagen. Natuurlijk zal je de kruigen op de drukke werf niet overal tussen kunnen manoeuvreren. Verdeel het cement dan met een schop in een metselkuip.
Sommige steentypes kan je ook verlijmen. Dat doe je met kant-en-klare bouwstoffen. In dat geval neem je er een metselkuip of -emmer bij, en mix goed door met een menger.
Aan de slag om te metselen. Dat doe je met een truweel. Draag ook nu handschoenen. De scherpe randen van de stenen kunnen je dan niet kwetsen. Je legt enkele mortelbedden waarin je de steen plaatst. Tik de steen tot op de juiste hoogte met de steel. Voor kleine aanpassingen geef je lichte tikken met de punt. Tijdens het metselen zelf hou je steeds je waterpas bij je ter controle. Je truweel gebruik je ook om de uitpuilende specie langs de voegen af te schrapen.
Afhankelijk van de grootte van de steen, kan je hem ook nog op het juiste niveau zetten met een rubberen hamer, dat geeft wat meer slagkracht.
Als je nieuwe muren in een halftandse verbinding aan elkaar zet, geven ze elkaar steun. Een nieuwe muur tegen een oude muur plaatsen ? Dan is er nog geen stevige verbinding. Dat doe je met haken. Haal er dan de klopboormachine bij, want de haak verzeker je in de muur met een plug.
Een muur metsel je in wildverband. Je zal dus af en toe stenen op maat moeten maken. Met een snelbouwer kan je dat handig doen met je truweel. Met een paar flinke, gerichte tikken breek je de steen vlug af. Met een haakse slijper kan je dan weer nauwkeuriger stenen op maat afkorten. Vergeet wel niet je ogen en gehoor te beschermen.
Muren gemetseld ? Dan rest je nog het proper zetten van de muur, samen met de voegen. Haal er een handborstel bij. Verwijder de resterende cementsluier. Dat is voldoende als je de muur zichtbaar wil laten, of later wil bepleisteren. Ga je de muur later nog voegen, dan schraap je de overtollige mortel weg met een voegspijker. Eenmaal de bovenkant en onderkant uitkrabben onder een hoek van vijfenveertig graden. Dat herhaal je voor de horizontale en verticale voegen.
Trouwens, van zodra je gaat metselen op hoogte, draag je ook een bouwvakkershelm.
De muur is gemetseld. Dan moet je nog kijken naar de voegen. Welk gereedschap heb je dan nodig ?
Eerst en vooral, bij renovatie, dien je eerst de oude voegen te verwijderen. Dat doe je met een haakse slijper met een diamantblad.
Eens je de oude voegen hebt ingeslepen, ga je met steenbeitel en hamer aan de slag om het resterende materiaal te verwijderen.
Is het nu nieuwbouw of renovatie, van zodra je dus een voeg hebt van één à anderhalve centimer, kan je gaan voegen.
Let er bovendien op dat je voeg vrij is van stof. Gebruik een borstel om de voeg schoon te maken. Tijd om het voegmiddel aan te maken. Volgend gereedschap heb je nodig.
Maak dat je water bij de hand hebt, want de voeg moet ook licht vochtig staan. Anders ontrekt de steen het vocht uit de voegspecie en droogt het voegmiddel te snel uit.
Zelf aanmaken, of kant-en-klaar product ? Mengen doe je sowieso in een metselkuip.
Voegen doe je met een voegspijker.. Voor de opstaande voeg, of stootvoeg, pak je wat specie in je hand en werk je de voeg op. Voor de liggende voegen, of lintvoeg, werk je makkelijker met een voegbord. Wat niet wegneemt dat je ook met je voegbord te werk kan gaan bij de opstaande voegen. Je voegspijker gebruik je voor twee acties : om de voeg te vullen, en om nadien de voeg glad te strijken.
Geen voegbord ? Dan kan je jezelf ook behelpen met je truweel om het voegmateriaal bij je te pakken en in te werken.
Je voegspijker komt bovendien ook van pas bij het aandrukken van net opgevulde voegen van je oprit. Door ze steviger aan te drukken zal het voegmiddel minder risico lopen los te komen wanneer de wagen op de oprit rijdt.
En als laatste klus bij het voegen, wil je de voeg uiteindelijk nog wat zachtjes borstelen voor een fijner resultaat. Een gladde borstel moet je dus ook altijd bij je hebben.

Je kan dit artikel volledig lezen na registratie

Reageer

Kleurenschema
Aantal tegels per rij
Beeldverhouding
Weergave
Hoeken afronden
0

Welkom bij Dobbit 

Dobbit maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren en te personaliseren. Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met Het privacy- en cookiebeleid.